Luang Prabang, charmante rivieroevers en watervallen
door Monika Suchoszek
Dit deel van Laos is zo mooi! Vooral tijdens het eerste halfuur van onze reis vanuit Vang Vieng was het landschap bijzonder idyllisch. Rijstvelden en talloze weelderige, groene heuvels met bijna loodrechte flanken vormden een uitzonderlijke combinatie. Op sommige plaatsen was de weg vernield door een aardverschuiving van de helling. Er lagen veel grote rotsblokken midden op de weg en enkele verpletterde voertuigen aan de kant. We kwamen veilig aan in Luang Prabang, vonden ons hostel en brachten de rest van de dag door met rusten, eten en rondwandelen in de stad. We genoten vooral van de Nam Khan en de Mekong in de late namiddagzon :)

De volgende dag begonnen we met een bezoek aan de Kuang Si-watervallen, zo’n 30 km buiten de stad. Er rijden minibusjes voor 50k KIP, maar daarmee is je tijd bij de watervallen beperkt tot ongeveer 2 uur. Dat is niet genoeg als je naar de top van de waterval wilt wandelen en er wilt zwemmen. Na lang onderhandelen stemde een tuktukchauffeur ermee in om ons voor 160k KIP naar de watervallen te brengen en daar 3 uur op ons te wachten. Eerst haalde hij zijn lunch bij een kraampje in de buurt, waarna we klaar waren voor een erg oncomfortabele en zenuwslopende rit naar de watervallen :) Roekeloze chauffeurs, putten in de weg en harde banken maakten deze hobbelige rit erg pijnlijk voor onze rug. We zagen dat sommige mensen erheen fietsten (en met hun fiets tegen de hellingen op liepen), maar dat is echt een waanzinnig idee op die smalle zigzagwegen met druk verkeer en in de volle zon. We hebben vaak fietsen gehuurd en die waren altijd in vrij slechte staat. Op vlak terrein vielen ze meestal nog mee, maar bergop rijden was altijd erg moeilijk.

Toen we het park van de Kuang Si-watervallen binnenkwamen, zagen we als eerste Aziatische zwarte beren. We bevonden ons in het berenopvangcentrum, dat deel uitmaakt van het park. De beren hadden allerlei hindernissen en speeltuigen, maar ze lagen allemaal te slapen of in het water. Daarom bleven we er niet lang en gingen we meteen verder, op zoek naar prachtige natuur :) Het was nog maar 10 uur, maar toch was het al behoorlijk druk. Even later zagen we de eerste cascades en volgden we die tot bovenaan, waar iedereen samenkomt om de grootste waterval te bekijken.

Op de brug die je hieronder ziet, maken mensen foto’s van de hoogste waterval in het park. Die zie je op de volgende foto. Alle cascades zijn werkelijk prachtig: de kleur van het water steekt mooi af tegen de lichtgekleurde rotsen.

Vervolgens besloten we naar de top van de waterval te wandelen, in de hoop op een nog mooier uitzicht over de omgeving. Het water stroomde over de trappen en opnieuw kwamen onze waterbestendige wandelsandalen goed van pas! Het laatste deel van het pad bergop is steil en smal, maar we raakten er gemakkelijk. Helaas was het uitzicht hier niet beter. We konden in de verte de bergen zien, maar de bomen ontnamen ons grotendeels het zicht. Via een houten loopbrug steek je het water over dat de waterval voedt.

Tijd om af te koelen! We sprongen snel in een van de zones waar je mocht zwemmen :) Het water was heerlijk verfrissend! We merkten dat het steeds drukker werd in het park en het was bijna tijd om terug naar de parking te gaan en onze chauffeur te zoeken. Eenmaal terug in de stad lunchten we en verkenden we de rest van de namiddag Mount Phousi, waar de zonsondergang bijzonder mooi zou zijn. Eerst moesten we heel veel trappen beklimmen om de tempel op de top van de heuvel te bereiken. Het panoramische uitzicht over de stad, de rivieren en de omliggende bergen was werkelijk spectaculair.

Naast de tempel op de top kwamen we ook enkele glanzende, gouden beelden van Boeddha en monniken tegen. Boven is er niet veel plaats om te zitten en deze plek trekt inderdaad veel volk, maar dat verbaast me niet: bij zonsondergang veranderen de kleuren van de rivier op spectaculaire wijze! Ik was blij dat we besloten hadden om vrij vroeg naar boven te gaan, zodat we langer van het uitzicht konden genieten zonder de drukte. Toen we na zonsondergang weer beneden kwamen, stond de avondmarkt klaar om de toeristen te verwelkomen. We kochten pannenkoeken met mango en zoete gecondenseerde melk, en mooie houten magneten voor de verzamelingen van mijn grootmoeders :) De spullen die je op avondmarkten kunt kopen, zijn in elke stad grotendeels hetzelfde. Toch vind je altijd wel iets dat typisch is voor de streek; hier waren de keukenschorten het origineelst. Vergeet niet af te dingen. Meestal betaalde ik uiteindelijk ongeveer de helft van de oorspronkelijke prijs, afhankelijk van hoeveel stuks je wilt kopen.

We hadden al veel tempels gezien in Vientiane, maar die van Luang Prabang konden we natuurlijk niet overslaan. Nadat we er een paar hadden bezocht, waren we het er allebei over eens dat ze qua stijl sterk op elkaar lijken. Toch wandelde ik er nog altijd graag rond om de mensen te observeren. We zagen dat gelovigen water over het Boeddhabeeld in de tempel gieten, waarna het als heilig water wordt opgevangen. Telkens als je een tempel binnengaat, moet je je schoenen buiten achterlaten. Deze keer nam iemand per ongeluk de sandalen van Sebastian mee (hetzelfde model, dezelfde kleur en bijna dezelfde maat!), maar gelukkig liep ik snel door de menigte in de nabijgelegen straat en zag ik een medetoerist met zijn schoenen aan. Zo kreeg dit verhaal toch een goede afloop :)

We vonden het belangrijk om meer over de geschiedenis van Laos te weten te komen en bezochten daarom het Koninklijk Paleismuseum aan de oever van de Mekong. Het was het enige museum waar we onze schoenen moesten uittrekken voor we naar binnen gingen en onze spullen in kluisjes moesten achterlaten. Foto’s waren verboden, dus we hebben alleen een foto van de buitenkant (er waren veel bewakers die erop toezagen dat toeristen niet fotografeerden, maar toch zagen we heel wat pogingen). Het is een officieel koninklijk paleis, dus we zagen de troonzaal, de ontvangstruimte, de slaapkamer van de koning, de kinderkamer en nog veel meer. Het paleis staat vol portretten, meubels, kleding en allerlei voorwerpen die van de koninklijke familie waren en van puur goud of zilver zijn gemaakt. Het is niet erg groot, maar bij alles staat een korte beschrijving in het Engels, dus het is zeker een bezoek waard.

Het is hier erg populair om ‘s ochtends, voor zonsopgang, de aalmoezenceremonie bij te wonen. Monniken gaan de straat op om hun dagelijkse portie voedsel op te halen. Traditioneel bestaat die vooral uit rijst, maar tegenwoordig krijgen ze soms ook ongezonde snacks. Nadat ik op het internet had gelezen hoe onecht deze traditie was geworden, had ik er gemengde gevoelens bij. Maar omdat we er toch waren, besloot ik zelf te gaan kijken en verliet ik onze kamer in het donker. Helaas regende het. Ik had mijn kleine paraplu bij me, maar toch was het moeilijk om foto’s te maken. Zodra ik ons hostel uitkwam, zag ik een groep van meer dan 15 monniken die voor twee oude vrouwen in onze straat halt hielden en samen met hen baden. Ik keek alleen vanaf de overkant toe, zoals toeristen wordt aangeraden op speciale borden die op veel plaatsen in de stad te zien zijn. Dat was het enige moment dat echt authentiek aanvoelde. Hoe dichter ik bij de hoofdstraat kwam, hoe meer toeristen de plaatselijke bevolking vervingen. Ze kochten een portie rijst en wachtten tot de monniken kwamen. Ik voelde niet de behoefte om aan deze neppe toeristische attractie deel te nemen, en heel veel toeristen lapten alle aanbevelingen aan hun laars: ze kwamen extreem dicht bij de monniken, fotografeerden hun gezichten, gebruikten de flits, droegen ongepaste kleding of liepen de monniken achterna om een betere foto te maken. Het was behoorlijk beschamend om te zien hoe respectloos andere toeristen zich gedroegen. Voor de plaatselijke gemeenschap is dit een zeer spiritueel ritueel en dat mogen we niet vergeten. Toon dus respect en neem alleen aan de ceremonie deel als ze voor jou echt veel betekent.

Muang Ngoy was onze volgende bestemming, een dorp aan de oever van de Nam Ou dat we per minibus en boot bereikten en waar ik enorm veel vlinders heb gezien! Het was fantastisch om rond te wandelen met tientallen vlinders tegelijk om je heen :) Een bungalow met hangmat, bananen uit de tuin en de omliggende bergen maakten deze plek heel bijzonder voor ons.
Praktische info:
- minibus van Vang Vieng naar Luang Prabang - 4 uur, 110k KIP
- toegang tot de Kuang Si-watervallen - 20k KIP per persoon
- tuktuk naar de Kuang Si-watervallen - 160k KIP (het was een grote tuktuk waar gemakkelijk 6 mensen in pasten)
- toegang tot Mount Phousi - 20k KIP per persoon
- toegang tot het Koninklijk Paleismuseum - 20k KIP per persoon
- Laotiaanse massage - 60k KIP
- lunch/avondeten - 40k tot 60k KIP voor ons beiden Bamboo Garden Restaurant
- smoothie - 15k KIP per persoon
- pannenkoek op de avondmarkt - 10k KIP