Dinant, de geboorteplaats van Adolphe Sax, de uitvinder van de saxofoon, was onze eerste bestemming op weg naar de Ardennen. Na een aangename wandeling van 20 minuten langs de rivier vanaf de parking bereikten we het stadscentrum, waar de beroemde citadel hoog boven ons uittorende op de werkelijk indrukwekkende rots. Het loont de moeite om eerst via de Charles-de-Gaullebrug naar de overkant van de Maas te wandelen en de katholieke kerk Notre Dame de Dinant, die aan de voet van de citadel ligt, vanuit een ander perspectief te bekijken. Op de brug staan heel wat kleurrijke saxofoons. Elke saxofoon stelt met zijn unieke kleuren en patronen een ander land voor.

Nadat we aan het loket kaartjes hadden gekocht en 408 treden hadden beklommen, bereikten we de top van de citadel en genoten we van het prachtige uitzicht op de omgeving. Er zijn 14 verschillende tentoonstellingsruimtes te bezoeken, maar wij vonden vooral het uitzicht indrukwekkend, want de tentoonstellingen vonden we niet erg modern of interessant. Met de kabelbaan sta je binnen 2 minuten boven, maar als je de trap neemt, kun je op enkele verschillende niveaus van het uitzicht genieten. Elk niveau biedt een uniek perspectief op de stad en de rivier.

Toen we de citadel verlieten, liepen we voorbij een restaurant, een kerkhof en een parking. Daar sloegen we rechtsaf en volgden we een wandelpad helemaal naar beneden, tot in het stadscentrum. Op de kaart hieronder zie je onze route. Het pad liep grotendeels door het bos en bood één uitzichtpunt over de stad en de rivier, maar de citadel was van daaruit bijna niet te zien (zie de foto van de stad en de rivier hieronder).

Voor de namiddag hadden we een wandeling gepland die begon bij het Kasteel van Vêves (op 9 km rijden van Dinant). Het kasteel is in het weekend te bezoeken, maar omdat we er op een vrijdag waren, konden we het niet van dichterbij bekijken. Onze wandeling begon in het bos, maar al snel liep het pad door gele koolzaadvelden. Nadat we via een heel steil pad door het bos bij de Lesse waren afgedaald (ongeveer ter hoogte van kilometer 3 op de kaart hieronder), volgden we een smal pad langs de oever. Dat was het mooiste deel van de wandeling. Dit gebied was vrij donker en weelderig, met allerlei soorten varens en grotten die vermoedelijk toegankelijk waren voor mensen met ervaring in speleologie. Op een bepaald moment passeerden we een kleine bar, La Flobette. Die is vanaf de parking bereikbaar met een kinderwagen, waardoor dit een goed idee is voor een wandeling met kinderen. We ontdekten deze parking naast een klein houten hutje dat dienstdeed als loket, waar je kaartjes kon kopen om de andere delen van het park te bezoeken. Voor het pad dat wij namen, hoefde je geen toegang te betalen (de grote parking ligt ongeveer ter hoogte van kilometer 5 op de kaart hieronder). Er zijn nog tal van andere wandelpaden in dit gebied (met het Kasteel van Walzin verder naar het westen), dus het is zeker een beter idee om naar deze parking te komen en de schoonheid van het natuurreservaat van Furfooz te ontdekken. Helaas vond ik pas na ons bezoek een website met meer informatie over deze plek. Grijp dus je kans en bekijk vooraf alle beschikbare bezienswaardigheden.

Na de koude nacht verlieten we met plezier de camping en reden we richting Luxemburg, meer bepaald naar de omgeving van het Lac de la Haute-Sûre. Dit is het grootste waterreservoir van het land. Het werd in de jaren 1950 aangelegd om te voorzien in de behoefte van Luxemburg aan drinkwater en elektriciteit. Er zijn zoveel wandelpaden dat het moeilijk was om één bepaald gebied te kiezen! Uiteindelijk parkeerden we onze auto in Esch-Sauer, naast de drijvende brug waar we onze wandeling begonnen.

We hebben echt van deze wandeling genoten! Eerst liepen we langs het water, waarna een smal pad ons helemaal omhoog naar Liefrange leidde, een klein dorp met veel campings. Daarna wandelden we verder door de velden in de richting van Kaundorf, waar we weer dichter bij het meer kwamen. Zodra we het dorp voorbij waren, bereikten we al snel enkele fantastische uitzichtpunten. In de verte zagen we de drijvende brug waar we die ochtend waren vertrokken. Het pad van het uitzichtpunt naar het meer was erg steil. We waren dan ook blij dat we hadden besloten de wandeling in de andere richting te doen: het stuk bergop was zo langer, maar niet zo steil. Wat we ook fijn vonden, was dat er onderweg veel banken stonden, zodat we gemakkelijk een mooie plek konden vinden om uit te rusten.

Omdat we die namiddag nog wat tijd over hadden, wierpen we even een blik op de kaart. We merkten dat het nabijgelegen dorp Esch-sur-Sûre een bezoek waard was, en dat bleek helemaal te kloppen! We hadden het geluk een parkeerplaats langs de rivier te vinden, niet ver van het kasteel. We wandelden door de smalle straatjes naar de kerk en namen vervolgens de trappen naar de top van de heuvel. Er was geen toegangsprijs (ook parkeren was gratis) en van daaruit konden we genieten van een schitterend uitzicht op de rivier en de steile heuvels rond dit kleine stadje.

We zagen nog een toren aan de andere kant van de heuvel (foto hieronder), maar om daar te komen, moesten we helemaal afdalen naar het dorp en vervolgens via een andere, veel langere trap weer omhoog. Mijn nieuwsgierigheid naar het uitzicht was te groot en won het al snel van de vermoeidheid na een hele dag vol activiteiten. Gelukkig was het de moeite waard! De toren telde verschillende verdiepingen vanwaar we deze prachtige streek konden bewonderen.

Omdat het onze laatste dag op de camping was, pakten we na het ontbijt alles in de auto en reden we naar La Roche-en-Ardenne. Die dag hadden we in de vroege namiddag een bezoek aan de Grotten van Hotton gereserveerd, waardoor we nog genoeg tijd hadden om onderweg in La Roche te stoppen. Het was zonder twijfel de drukste plek die we tijdens dit lange weekend bezochten. Uiteindelijk vonden we een parkeerplaats aan de Av. du Hadja. Tot onze verbazing was het erg druk in de stad, vooral met motorrijders. We wandelden naar de Belvédère de La Roche, vanwaar we het uitzicht op de stad en de nabijgelegen heuvels konden bewonderen. Daarna liepen we terug naar de rivier om het stadspark te bekijken en keerden we terug naar de auto. Onderweg haalden we in het centrum nog een ijsje. In de stad vind je een kasteel en een militair museum, maar we hadden geen tijd om die te bezoeken.

De laatste bezienswaardigheid van ons weekend waren de Grotten van Hotton. We kochten onze tickets online voor een rondleiding in het Engels. De grot wordt goed onderhouden, maar doordat er geen lichtshows of ondergrondse boottocht zijn, blijft haar natuurlijke karakter beter bewaard. Voor jonge kinderen is ze waarschijnlijk minder interessant. Voor hen zijn de Grotten van Han of de Grotten van Remouchamps wellicht een betere keuze. Over het algemeen vonden we de grot mooi, maar we hadden gehoopt dat er meer gangen toegankelijk zouden zijn voor bezoekers. Wat we te zien kregen, vonden we wat weinig. Misschien kwam dat gewoon doordat we de grot vergeleken met de grote grot die we enkele jaren eerder in Georgië bezochten.

We hadden zoveel geluk met het weer: het waren de eerste dagen met wat zon na lange, regenachtige weken! Het was beslist een intens, maar fantastisch weekend :D

Praktische informatie:

  • Citadel van Dinant - de toegang kost 10 euro. Je kunt met de kabelbaan naar boven of de 408 treden nemen. Boven zijn er toiletten, maar je moet 0,50 euro betalen, wat vreemd is nadat je al toegang hebt betaald. Boven op de heuvel zijn grote parkings waar je een toegangsticket kunt kopen. Een andere optie is dus om de auto hier achter te laten, de citadel en de stad te bezoeken (met het ticket mag je de citadel verlaten) en daarna terug te keren. Iedereen was verplicht om in het hele fort en ook in het stadscentrum een mondmasker te dragen. Meer informatie vind je op de officiële website van de citadel

  • Parkeren in Dinant - we besloten in het stadscentrum te parkeren, maar niet vlak bij de citadel, waar het moeilijk was om een vrije parkeerplaats te vinden. We parkeerden aan de Rue Alexandre Daoust 46, op 20 minuten wandelen van de citadel (1,5 km). Er waren veel plaatsen beschikbaar en de meeste lagen in de schaduw van de bomen, wat altijd erg handig is.

  • Parkeren in Luxemburg - 13 Lultzhausen, 9666 Esch-Sauer. De prijs bedroeg ongeveer 0,60 euro per uur, wat heel redelijk was, maar de parking was niet erg groot. We vonden gemakkelijk een plaats, al was het nog geen hoogseizoen. In andere delen rond het meer waren er veel grotere parkings. Meer informatie over dit gebied

  • We verbleven op Camping Pont de Berguème. Ondanks de ligging vlak bij de snelweg was het er heel rustig en aangenaam, naast een beek waarin kinderen konden spelen. Het sanitair was schoon, de eigenaars waren vriendelijk: zeker een aanrader. Houd er wel rekening mee dat de nachten in juni in België nog behoorlijk koud zijn, ongeveer 6-7 °C. Neem dus een warme slaapzak mee als je in een tent kampeert.

  • In La Roche-en-Ardenne parkeerden we de auto aan de Av. du Hadja. De parkings in de buurt waren helemaal vol.

  • Grotten van Hotton - de toegang kost 10 euro per volwassene en het bezoek duurde ongeveer 45 minuten. Sportschoenen zijn zeker aan te raden (binnen is het glad en donker), net als een extra jas als je de grot in de zomer bezoekt, want de temperatuur bedraagt er ongeveer 12 °C. We kochten onze tickets online